De Nederlandse Zeevarendencentrale heeft de Erasmusuniversiteit de opdracht gegeven het welzijn van de zeevarenden in Nederland in kaart te brengen. Het rapport van de wetenschappers vormt nu de basis voor een gesprek met de overheid. Dit heeft onder meer geleid tot een oproep van minister Harbers. Hij maant havenbedrijven, gemeentes, provincies, vakbonden en fondsbeheerders werk te maken van het welzijn van zeevarenden. 

Het rapport kunt u lezen door hier te klikken.

De oproep van de minister Harbers is hier te bekijken.

De Nederlandse Zeevarenden Centrale (NZC) onderschrijft als lid van de International Christian Maritime Association (ICMA) de oproep van de ICMA. Klik hier om deze oproep te lezen.

In navolging hiervan roepen wij de Nederlandse regering op haar verantwoordelijkheid te nemen inzake het waarborgen van de vrije doorvaart op zee. De vrije doorvaart is essentieel voor de goederenstromen over zee, maar ook een eerste vereiste betreffende de veiligheid en het welzijn van de zeevarenden.

De NZC heeft als doel het behartigen en onderhouden van het geestelijke en sociale welzijn van de Nederlandse zeevarenden en andere zeevarenden op schepen die een Nederlandse haven aandoen en alles te doen wat hiermee rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.

Voor het eerst in haar geschiedenis is de Nederlandse Zeevarendencentrale betrokken bij de Europese regelgeving op het gebied van het welzijn van zeevarenden. Op 17 januari was een vertegenwoordiger samen met een Duitse, Belgische en Britse collega in Brussel aanwezig om van gedachten te wisselen met tientallen andere betrokkenen. Een uitgebreid verslag zal in het komende nummer van Diepgang zijn te lezen.

Het koopvaardijwerk in de Rijnmond wordt belicht in de kerstaflevering van het televisieprogramma ‘Petrus in het Land’.

Hierin werken zowel vrijwilligers van ISC The Bridge en The Flying Angel als pastor Helene Perfors en de Zeemanskerk Pernis mee.

KRO-NCRV Petrus in het Land

23 december a.s.

NPO 2, 17.08 uur

Klik hier voor het artikel in de Schuttevaer.

Voor het promotiefilmpje van de Maritime Achievement Award met koopvaardijpredikant Helene Perfors en de Stichting Koopvaardijpersoneel 1940-1945 klik hier.

Op 26 juli 2023 overleed ds. Jacob Bakker, Jaap, oud-koopvaardijpredikant op Curaçao en in Rotterdam/Amsterdam. Als warm, wijs en betrokken mens heeft hij veel kunnen betekenen voor zeevarenden en hun families en voor collega’s en vrijwilligers in het koopvaardijwerk.

We schrijven oktober 1963 toen Jaap Bakker met zijn gezin vanuit zijn eerste gemeente op Terschelling vertrok naar Curaçao om zich daar o.a. met zeevarenden bezig te houden. Hij bleef er tot 1970, werkte vervolgens als godsdienstleraar in Velp, maar merkte dat hij het koopvaardijwerk miste. In 1975 pikte hij de draad weer op en tot 1993 was zijn standplaats Rotterdam, het Zeemanshuis aan de Willemskade.

In een interview met Dagblad Trouw bij zijn afscheid zegt hij: “Het was geen echt bewuste stap om koopvaardijpredikant te worden. Achteraf kan ik wel benoemen wat me kennelijk zo heeft aangetrokken. De zeevaart is lange tijd de enige echte poort naar de wereld geweest. Zeelui waren de mensen met het patent op het contact met de wijde wereld, daarom waren ze ook opener naar andere manieren van leven toe, laconieker ook. De reismogelijkheden zijn nu voor iedereen wel groter geworden, maar de scheepvaart blijft een aparte wereld.”

En dat was het ook voor Jaap Bakker, een aparte wereld, met meer ruimte. Het contact met andere mensen, een wijdere wereld dan de eigen, toen toch wat bekrompen kerkelijke omgeving. Ruimte krijgen in zijn eigen veranderende theologische opvattingen.

Hij vroeg zich wel regelmatig af waarom hij nou theologie had gestudeerd als het erop neer kwam dat hij met een koelbox met bier en limonade naar de baai ging. Maar goed, door te beginnen met vragen naar de situatie thuis kwam je langzaam op dieperliggende zaken.
In Trouw: “Wij komen niks verkopen, zelfs geen boodschap”.
Het was precies waarom Jaap Bakker zo’n goede koopvaardijpredikant was. Ruimte nemen en ruimte geven. In de hectiek van de maritieme wereld er gewoon zijn. Zo kon hij ook veel betekenen voor de nabestaanden van de omgekomenen bij de ramp met Nedlloyd-tanker ‘Maassluis’ in 1989.

Ook toen hij allang met pensioen was deed hij uitvaarten van (oud)zeevarenden. Stond hun families bij met raad en daad. Jaap Bakker was ook niet voor niets erelid van de Vereniging Maritiem Gezinskontakt. Hij bezocht symposia, gaf weloverwogen zijn mening als collega’s daarom vroegen. En vertelde natuurlijk ook graag hoe het ‘in zijn tijd’ was. Ook toen zijn gezondheid in het afgelopen jaar wel heel broos werd, bleef hij geïnteresseerd in de actuele ontwikkelingen in het koopvaardijwerk. Met het zingen van gezang 467, ‘O eeuw’ge Vader, sterk in macht’ hebben wij hem op 2 augustus uitgevaren. Jaap Bakker is 90 jaar geworden.

O eeuw’ge Vader, sterk in macht
wiens arm betoomt der baren kracht,
die wijst de grondlooz’ oceaan
de hem gestelde perken aan,
o wil verhoren onze beê
voor hen die zijn in nood op zee!

Helene Perfors

De Nederlandse Zeevarendencentrale heeft de Erasmusuniversiteit de opdracht gegeven het welzijn van de zeevarenden in Nederland in kaart te brengen. Het rapport van de wetenschappers vormt nu de basis voor een gesprek met de overheid. Samen met alle belanghebbenden en betrokkenen zal moeten afgesproken worden hoe de aanbevelingen uitgevoerd kunnen worden. U kunt het rapport zelf ook lezen door hier te klikken.

Minister Harbers heeft reders, havenbedrijven, vakbonden, kerken en de stichting Nederlandse Zeevarendencentrale (NZC) opgeroepen de welzijnszorg voor zeevarenden grondig te verbeteren. U kunt hier klikken om zijn toespraak te horen.

Het bestuur van de NZC is inmiddels in overleg getreden met ambtenaren van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. 

De minister deed zijn oproep n.a.v. een onderzoeksrapport van de Erasmusuniversiteit. Hierin stelt wetenschapper Maurice Jansen dat centra voor zeevarenden onmisbaar zijn in een haven van grote omvang. Verder constateert hij dat de voorzieningen in Nederland schril afsteken tegen die van Duitsland en België. De bestuurders van de centra voor zeevarenden in Vlissingen, Moerdijk,Terneuzen, Schiedam, Voorne aan zee, Amsterdam en de Eemshaven zijn niet in staat beleid te voeren op lange termijn omdat zij steeds de boer op moeten om de eindjes aan elkaar te knopen. Daardoor kunnen ze de zeevarenden een minder goede service bieden dan gewenst. In grote delen van de haven van Rotterdam is het erger gesteld. Daar zijn vele zeevarenden tevergeefs op zoek naar faciliteiten op de wal en voelen zij zich opgesloten aan boord van hun schip.

De Nederlandse havens zijn verplicht zeevarenden faciliteiten aan te bieden. Een internationaal verdrag waarin dit staat beschreven is geratificeerd. Hier moet nu werk van worden gemaakt. Wat betreft de financiering wordt gekeken naar fondsen en de afdrachten van schepen die een onderdeel vormen van het havengeld. Jansen acht het niet onmogelijk dat na het sluiten van de drukbezochte Rotterdamse zeemanshuizen de Beer en de Heijplaat er wat reserves zijn opgebouwd. Het bestuur van de Nederlandse Zeevarendencentrale verwacht enige jaren nodig te hebben om zeevarenden voldoende van dienst te kunnen zijn. Er is veel kennis en ervaring verloren gegaan maar anderzijds wordt er met veel toewijding gewerkt. 

Op aangeven van de Nederlandse Zeevarenden Centrale heeft de Erasmusuniversiteit een onderzoeksrapport geproduceerd genaamd ‘Faciliteiten en financieringsbehoefte voor zeevarendenwelzijn in Nederlandse zeehavens’.
Tijdens het symposium op donderdag 1 juni te Rotterdam werd het rapport besproken en bediscussieerd.

Klik hier voor een kort verslag. De foto’s geven een levendige indruk van dit geslaagde symposium.